ATTENTION/WARNING - NE PAS DÉPOSER ICI/DO NOT SUBMIT HERE

Ceci est la version de TEST de DIAL.mem. Veuillez ne pas soumettre votre mémoire sur ce site mais bien à l'URL suivante: 'https://thesis.dial.uclouvain.be'.
This is the TEST version of DIAL.mem. Please use the following URL to submit your master thesis: 'https://thesis.dial.uclouvain.be'.
 

Woordvolgorde bij CLIL- en niet-CLIL-leerders van het Nederlands: één pot nat? Vergelijkend onderzoek naar de beheersing van de PV2- en V-eind-regels bij (niet-)CLIL-leerders en bij moedertaalsprekers

(2018)

Files

Dumont_02851500_2018.pdf
  • UCLouvain restricted access
  • Adobe PDF
  • 1.68 MB

Dumont_02851500_2018_Annexe1.pdf
  • UCLouvain restricted access
  • Adobe PDF
  • 1.82 MB

Dumont_02851500_2018_Annexe2.pdf
  • UCLouvain restricted access
  • Adobe PDF
  • 2.53 MB

Dumont_02851500_2018_Annexe3.pdf
  • UCLouvain restricted access
  • Adobe PDF
  • 1.38 MB

Details

Supervisors
Faculty
Degree label
Abstract
In de Federatie Wallonië-Brussel wordt CLIL-onderwijs (Content and Language Integrated Learning) tegenwoordig steeds populairder. Vier jaar geleden meldde L’Avenir (mei 2014) dat meer dan 27.000 leerlingen voor dit type onderwijs hadden gekozen. Rond 2008 werd beslist immersieonderwijs in Wallonië in te voeren omdat de ministers de zwakke resultaten van het traditioneel onderwijs voor vreemde talen wilden bestrijden en omdat er groeiend bewustzijn was van het belang om vreemde talen in Europa te beheersen (Dalton-Puffer, 2010:4). In deze masterscriptie wordt onderzocht naar de Nederlandse didactiek en linguïstiek. De titel is Woordvolgorde bij CLIL- en niet-CLIL-leerders van het Nederlands: één pot nat? Vergelijkend onderzoek naar de beheersing van de PV2- en V-eind-regels bij (niet-)CLIL-leerders en bij moedertaalsprekers. Er wordt dus gekeken naar de plaats van de persoonsvorm in mededelende zinnen (zowel hoofd- als bijzinnen) en in vraagwoordvragen en naar de plaats van het werkwoord in infinitiefzinnen. Om te bevestigen of CLIL-leerlingen deze regels beter beheersen dan niet-CLIL-leerlingen (of andersom), worden 256 opstellen geanalyseerd: 100 opstellen geschreven door CLIL-leerders, 100 door niet-CLIL-leerlingen en 56 door Nederlandstaligen. Alle proefpersonen komen uit België (Wallonië voor NNS en Vlaanderen voor NS) of uit Nederland, zijn tussen 16 en 17 jaar oud en hebben over de onderwerpen ‘vakantie’ of ‘feestje’ geschreven. Deze scriptie bestaat uit twee delen: een theoretisch deel en een praktisch deel. In het theoretische deel worden de twee types onderwijs vergeleken ten opzichte van de gebruikte syntactische structuren en de stand van zaken. We bespreken ook het leren en het verwerven van de grammatica van T2 Nederlands en de beheersing van de V2- en V-eind-regels. Vervolgens komt het praktische deel. In dit deel zullen we ingaan op de hypotheses, uitleggen voor welke methodologie we gekozen hebben en de verschillende resultaten voorstellen. Onze methodologische achtergrond is gebaseerd op verschillende studies, waaronder die van Van der Linden. Uit een van haar onderzoeken (2008:124) blijkt dat de Subject-Verbum-Object-volgorde universeel aantrekkelijk is. Dat zou een van de redenen zijn waarom leerders van T2 Nederlands voor deze volgorde opteren. Op basis van onze analyses kunnen we beweren dat deze hypothese bevestigd wordt, vooral wat leerlingen in het traditioneel onderwijs betreft.